13 juni 2014

Verantwoordelijkheid nemen, krijgen en aankunnen

Donderdag 12 juni werd ook de Kadernota 2015 vastgesteld.

Namens de PvdA Hillegom sprak Annemieke van Dijk onderstaande algemene beschouwing uit, en diende twee moties in.

Verantwoordelijkheid nemen, krijgen en aankunnen

Verantwoordelijkheid is wat de PvdA Hillegom betreft het sleutelwoord vanmiddag. Verantwoordelijkheid nemen, verantwoordelijkheid krijgen en ook verantwoordelijkheid aankunnen.

In de Hillegomse raad is de verantwoordelijkheid verschoven na de verkiezingen van 19 maart en de daarop volgende coalitie onderhandelingen. Dat betekent voor ons dat wij na een lange periode geen wethouder meer leveren aan het Hillegomse bestuur. Wij dragen minder verantwoordelijkheid,
maar nemen wel de verantwoordelijkheid die bij onze nieuwe rol past. Dat betekent dat wij kritisch en vooral vanuit sociaal democratisch perspectief de voorstellen van het nieuwe college op zijn waarde zullen blijven beoordelen.

Met de verkiezingen op 19 maart heeft Bevolkingsbelangen Hillegom een grote verantwoordelijkheid gekregen van de Hillegomse stemmers, met maar liefst 7 zetels in de raad. BBH heeft de coalitieonderhandelingen geleid en deze zijn uitgemond in een coalitieakkoord waarvoor ook D’66, VVD en CDA verantwoordelijkheid nemen. In dat akkoord lezen wij dat wordt gesproken over de verzorgingsstaat. Wij interpreteren dat als dat wij niet linea recta de participatiesamenleving met elkaar inracen waarin het riscio schuilt dat burgers het zelf maar moeten uitzoeken. In een verzorgingsstaat houdt de overheid duidelijk een rol. Ook de uitspraak van de coalitie dat zij bewoners willen stimuleren, ondersteunen en faciliteren sluit aan bij verzorgingsstaatgedachte. Tevens geeft u aan het voorzieningenniveau minimaal op het huidig niveau te willen houden. Maar daarnaast staat er in het coalitieakkoord dat bezuinigen op verenigingen, instellingen en organisaties een mogelijkheid is. Dit laatste staat wat ons betreft recht tegenover het vasthouden aan het voorzieningen niveau. Wij zouden graag van de coalitiepartijen vernemen hoe zij hun verantwoordelijkheid in deze zien.

De grootste verschuiving van verantwoordelijkheden is gaande vanuit het Rijk naar de gemeente en vanuit de overheid naar de burger. De gedachte dat de inwoners eerst een beroep moeten doen op hun eigen middelen en omgeving vinden wij geen vreemde. Dit moet echter niet doorslaan in een soort zoek-maar-uit-samenleving, zoalseen huisarts dit vorige maand noemden in een interview in Parool. Zij gaf aan dat er een vangnet moet zijn voor de psychiatrische patiënten die weer terugkomen bij de huisarts en daarmee in de wijk. Maar, zegt ze: ‘dat geldt voor zoveel mensen. Ook voor kwetsbare oudjes die niet meer in het verzorgings- of verpleeghuis kunnen wonen. Ik zie mensen in mijn praktijk die echt te slecht zijn om zelfstandig te wonen, maar een verzorgingshuis komen zij niet meer in. Dat zijn de situaties waarbij de huisartsen ook met hun handen in het haar zitten. Aan deze kwetsbare mensen zie je: dit gaat gewoon niet goed. Ook verwijzen zij naar onderzoek onder mantelzorgers: hieruit blijkt al hoe zwaar belast ze zijn. Nu gaan wij zeggen, ja mensen, kijk eens in je eigen omgeving of je daar hulp kunt krijgen. Het wordt een soort zoek maar uit samenleving in plaats van: we gaan samen kijken hoe we jou gaan helpen.

In het huidige Hillegomse WMO beleid is gekozen voor een meer lokale invulling dan de overige ISD gemeentes. Hierin is een belangrijke rol voor het maatschappelijk middenveld weggelegd. Een paar weken geleden was ik bij een bijeenkomst van de ISD, waar werd aangegeven dat Hillegom nu een voorloper is in de regio. Wij vragen de nieuwe wethouder om met evenveel visie en lef op dit beleidsterrein verder te gaan. Maar nog veel belangrijker: om vooral goed te kijken of ons sociaal
middenveld en onze inwoners al deze verantwoordelijkheid aankunnen. Kunnen zij de verantwoordelijkheid dragen die ze krijgen? Welke verantwoordelijkheid neemt de gemeente om mensen en het sociaal middenveld in hun kracht te zetten? Laten we voorkomen dat Hillegom een voorbeeld wordt van de zoek maar uit samenleving en in plaats daarvan de verantwoordelijkheid nemen om te zeggen: we gaan samen kijken hoe we jou gaan helpen.

Ten slotte de verantwoordelijkheden in de kadernota. Deze nota lezend bekroop ons lichtelijk het gevoel van een domeinstrijd. En dat voelde niet prettig. In de kadernota wordt voorgesteld het ambtenarenapparaat uit te breiden met enkele functionarissen. Hiervoor komt geen apart raadsvoorstel, het gaat immers om uitvoering stelt het college. Vanuit mijn perspectief als raadslid gaat het om een goede invulling van deze kaderstellende rol en om goed gebruik van het budgetrecht van de raad. Hoe kunnen wij als raad structureel grote bedragen per jaar goedkeuren, als we niet goed kunnen beoordelen hoe dit budget wordt ingezet? De verantwoordelijkheid wordt op deze manier uit onze handen genomen. Hetzelfde gebeurt eigenlijk bij de invoering van de posten Onvoorzien. Deze geven het college de ruimte om in te spelen op zaken die haast vragen. Daarmee ontnemen zij de raad verantwoordelijkheid voor het goedkeuren van uitgaven, ook in zaken die haast hebben. Wij zijn van mening dat er voldoende financiële ruimte is voor het college. En aantal jaar geleden zijn de 9 programma’s die de financiële stukken toen nog telden teruggebracht naar 5. Binnen deze 5 programma’s heeft de portefeuillehouder de ruimte om met middelen te schuiven. Daarnaast hebben wij nog nooit gehoord dat er grote problemen zijn ontstaan doordat deze schuifruimte aan het college ontbrak. Wij zijn van mening dat kaders zo duidelijk mogelijk moeten zijn, een post Onvoorzien is dat niet. Wij zijn hier nu niet op zoek naar een welles-nietes discussie, maar naar een gezamenlijke oplossing voor zowel de personele uitbreidingen als voor de posten onvoorzien. Een oplossing die werkt voor raad en voor college.

In de kern gaat het er over dat wij met elkaar goed willen nadenken over welke verantwoordelijkheden wij bij het college willen leggen en welke verantwoordelijkheden wij die van de raad vinden. Hiervoor zullen wij later vandaag twee moties indienen waarin wij het college vragen om twee documenten aan te leveren bij behandeling van de begroting in het najaar. Op dat moment zullen wij dan met een goede onderbouwing kunnen besluiten of wij de bedragen voor Onvoorzien en voor personele uitbreiding die in de kadernota zijn op genomen ook daadwerkelijk ter beschikking willen stellen in de begroting.


1: Motie beoordelingskader personeel

Overwegende dat
• Personeelskosten een grote, structurele post zijn op onze begroting.
• Het college op verschillende plaatsen vraagt om uitbreiding van formatie
• Het college heeft aangegeven niet met een aanvullend voorstel
• Het college over personele uitbreiding gaat, de raad over het budget. College en gemeentesecretaris over de functie en kwaliteit van de functionaris, de raad over het juist inzetten van het budget.

Van mening dat
• uitbreiding van personeel een gezamenlijke aangelegenheid is van gemeenteraad en college, ieder vanuit zijn eigen verantwoordelijkheden. In deze kadernota worden voorstellen voor uitbreiding personeel gedaan waarop de raad het budget beschikbaar moet stellen. Er komt geen separaat voorstel om de personele uitbreiding beter te kunnen beoordelen. Wij hebben daar wel behoefte aan, zonder op de stoel van het college te willen zitten. Wij willen goed invulling kunnen geven aan het budgetrecht van de raad. Door een algemeen beoordelingskader voor personele uitbreiding op te stellen, kunnen deze en eventueel volgende uitbreidingsverzoeken op uniforme wijzen worden beoordeeld.

Verzoekt het college
• Een beoordelingskader op te stellen voor personele uitbreiding, waarbij de uitbreiding in ieder geval wordt afgezet tegen de huidige organisatie.
• Dit beoordelingskader beschikbaar te hebben bij de behandeling van de begroting 2015

2: Motie Financiële Verordening
Overwegende dat
• Het college in de kadernota voorstelt om posten onvoorzien aan de programma’s toe te voegen om daarmee schuifruimte te krijgen zodat snel op onvoorziene zaken kan worden gereageerd.
• Ons geen voorbeelden bekend van zaken die verkeerd zijn gegaan door gebrek aan de mogelijkheid om snel te kunnen schakelen.
• In 2010 de programma’s van 9 naar 5 zijn teruggebracht.
• Dat binnen de programma’s kan worden geschoven.
• Het college reeds van plan is een Financiële Verordening op te stellen
• Als basis voor deze verordening het VNG-model zou dienen.
• Deze recent beschikbaar is gekomen

Van mening dat
• De raad in de gelegenheid moet zijn om goed invulling de geven aan haar rol als budgethouder.
• Het college voldoende financiële ruimte nodig heeft om haar werk goed te kunnen doen

Verzoekt het college
• De op te stellen Financiële Verordening gereed te hebben voor behandeling bij bespreking van de Begroting 2015.
• In deze Financiele verordening expliciet en gemotiveerd aandacht te besteden aan het al dan niet opnemen van een post Onvoorzien en de hoogte ervan.

Klik hier voor uitleg van de begrotingscyclus.